Prenatale screening

 
Screening naar de kans op Downsyndroom

Met een screening op Downsyndroom kun je laten onderzoeken wat de kans is dat je ongeboren kindje Downsyndroom heeft. De kans op een kind met Downsyndroom is gemiddeld 2 op 1.000. Bij jonge vrouwen is de kans laag. Hoe ouder de moeder, hoe hoger de kans wordt.

De combinatietest
Onderzoek naar de kans op Downsyndroom wordt gedaan met de combinatietest. Deze test bestaat uit een combinatie van twee onderzoeken:

  1. Een bloedonderzoek bij de moeder tussen 9 en 14 weken zwangerschap.
  2. Een nekplooimeting bij de foetus via een echo tussen 11 en 14 weken zwangerschap.  

De uitslagen van het bloedonderzoek en de nekplooimeting worden gecombineerd met de leeftijd van de moeder en de precieze duur van de zwangerschap. Samen bepalen zij hoe hoog de kans is op een kindje met Downsyndroom.

Houd rekening met lastige keuzes
Een Downscreening kan je misschien geruststellen over de gezondheid van je kind. Maar de screening kan je juist ook ongerust maken en je voor lastige keuzes stellen.


Screening naar lichamelijke afwijkingen

De 20 wekenecho
De 20 wekenecho wordt ook wel structureel echoscopisch onderzoek (SEO) genoemd. De screening vindt meestal plaats rond de 20e week van de zwangerschap. Bij deze echo wordt gekeken naar de ontwikkeling van de organen van het kind. Ook wordt gekeken of het ongeboren kind goed groeit en of er voldoende vruchtwater is.
Met een 20 weken echo kun je je ongeboren kind laten onderzoeken op ernstige lichamelijke afwijkingen. Voorbeelden daarvan zijn een open ruggetje of een open schedel. De kans op een kind met een lichamelijke afwijking is gemiddeld 1 op de 1.000.

Houd rekening met lastige keuzes
Een 20 wekenecho kan je misschien geruststellen over de gezondheid van je kind. Maar de screening kan je juist ook ongerust maken en je voor lastige keuzes stellen.

(bron: rivm)